Europa slabakt, strompelt en stagneert. Onze schrale productiviteitsgroei volstaat nog amper om onze bestaande welvaart in stand te houden in tijden van vergrijzing. Dat wil zeggen dat we afstevenen op een collectieve verarming, als we het roer niet drastisch omgooien (zie het rapport van Mario Draghi).

En wat is de bijdrage die (mens)wetenschappers leveren aan dit enorme probleem, vetbetaald met belastingsgeld? Het ene plan na het andere om welvaart en groei helemáál om zeep te helpen: degrowth, donut-economie, monsterbelastingen, een verbod op extreme rijkdom…

Want ja, wie heeft economische groei nodig, als je ook gewoon de superrijken kan kaalplukken (één keertje toch)? Waarom moet de taart nog groeien, als je ze gewoon kan in stukken snijden en herverdelen? Laten we elke resterende prikkel om rijk te worden wegnemen door een harde limiet te zetten op rijkdom en al de rest weg te belasten.

Als onze voorouders die logica hadden gevolgd, waren we allemaal armtierig, ziek en dom gebleven. Dat is zonder overdrijving. Hoe werden wij immers zo rijk? Niet door roof, diefstal of herverdeling, maar enkel door GROEI. De taart zelf is 30 keer groter geworden (dat is een groei van 3000%, met drie nullen). Herverdeling helpt in de marge, maar zonder groei valt er helemaal niks te herverdelen. Geen pensioenen, geen zorg, geen klimaatbeleid, geen universiteiten met royaal betaalde hoogleraren—alleen doffe ellende.

Een fragmentje uit mijn boek over de illusie van herverdeling hieronder:
Bedenk dat de gemiddelde Belg of Nederlander vandaag dertig keer zo rijk is als twee eeuwen geleden. Veel mensen geloven dat we die welvaart van andere landen hebben afgepakt, maar dat is een misvatting die vertrekt vanuit nulsomdenken: als jouw stuk taart groeit, heb je het van mij afgenomen. Niets is minder waar. Wij hebben die welvaart van niemand afgepakt, om de eenvoudige reden dat die vroeger gewoon niet bestond. Plundering en kolonialisme zijn zo oud als de mensheid, maar hebben geen enkele beschaving vóór de negentiende eeuw echt rijk gemaakt. Bovendien hebben sommige van de rijkste landen ter wereld, zoals Zuid-Korea, Finland en Zwitserland, nooit noemenswaardige koloniale rijken gehad. Korea was aan het begin van de twintigste eeuw zelfs een vazalstaat van Japan, dus zelf een soort kolonie. De echte reden voor onze welvaart is dat de taart zelf dertig keer zo groot is geworden. Dat is waarom rekken in warenhuizen uitpuilen, waarom onze steden riolering en stroomnetten hebben, en waarom onze woningen zijn uitgerust met koelkasten en wasmachines.
Herverdeling is zeker belangrijk om minder fortuinlijke mensen mee te laten proeven van onze welvaart, maar het verzinkt in het niets bij de wonderen van de groei. Als we de taart van 1800 beter hadden verdeeld in plaats van groter gemaakt, dan waren we allemaal in doffe armoede blijven steken. En ja, ook in rijke landen is het absoluut noodzakelijk dat de taart blijft groeien, alleen al om onze bestaande welvaart te behouden. Want hoe gaan we anders de pensioenen betalen in een steeds verder vergrijzende maatschappij? Wie gaat opdraaien voor de stijgende kosten van de gezondheidszorg? Om nog te zwijgen over de massale investeringen die nodig zijn voor de klimaatopwarming en een zwik andere wereldproblemen die op ons afkomen. Progressieve denkers zien graag een sterke rol weggelegd voor de overheid, maar zonder groei heeft de overheid geen extra inkomsten en kan ze geen enkel probleem oplossen.
