Pas op voor het postmoderne virus!

  • Opinie

Regeren Marc Van Ranst en zijn collega­-weten­schappers vandaag het land? Wetenschaps­historicus Bert De Munck heeft bedenkingen bij de manier waarop onze vrijheid vandaag wordt beknot in naam van de wetenschap (DS 27 maart). Geïnspireerd door de post­moderne denker Michel Foucault waarschuwt hij voor een doorgedreven vorm van ‘biomacht’. Politici zouden zonder veel nadenken de inzichten van gezondheids­experts omzetten in beleid, waardoor de wetenschappers hun visie aan de samenleving weten op te leggen, met verregaande surveillance en controle tot gevolg. Maar volgens De Munck hebben wetenschappers de waarheid niet in pacht. Hun bevindingen berusten op ‘premissen en aannames’ en op specifieke ‘wetenschap­pelijke logica’s’ die ons doen afstevenen op een ­gezondheids­dictatuur. In naam van de menselijke vrijheid moeten we paal en perk stellen aan het machtstreven van ­wetenschappers die mensen herleiden tot cijfers en grafieken.
De Munck heeft gelijk dat we uit weten­schappelijke feiten niet zomaar kunnen afleiden welke beleids­maatregelen nodig zijn, en hoe we kosten en baten moeten afwegen. Wetenschap informeert in het beste geval beleid, maar dicteert het niet. Een democratie is inderdaad geen technocratie. Maar is er vandaag sprake van ‘biomacht’? Dat valt nogal mee. Zo is er geen enkele politicus of wetenschapper die ­deze semi-lockdown langer wil hand­haven dan nood­zakelijk is om het virus te bedwingen. Er is ook niemand die het in zijn hoofd haalt om op lange termijn het beleid volledig in handen van virologen te leggen. Viroloog Marc Van Ranst adviseerde bovendien om scholen open te houden, maar de politiek besliste om ze te sluiten. De maatschap­pelijke druk (ook vanuit het onderwijsveld) werd na de sluiting in Frankrijk gewoon te groot. Tussen wetenschap en werkelijkheid staan nu eenmaal politieke en praktische bezwaren. Je kunt de beslissing betreuren of toejuichen, maar ze is niet het resultaat van biomacht of technocratie, eerder van draagvlak, volkswil en democratie.

Gemakzuchtig trucje
Wat betreft wetenschap en democratie zat Karl Popper dichter bij de waarheid dan Foucault. Wetenschap en democratie bieden volgens Popper net bij uitstek de ruimte om constructief en kritisch allerlei ideeën te bevragen. Wetenschappers ­geven argumenten voor hun overtuigingen, die door andere wetenschappers (en beleidsmakers) gewikt en gewogen worden. Zaken ‘in vraag stellen’ is precies de kern van wetenschap. De uitkomst van ­deze kritische dialoog kan via een democratisch proces in beleid worden omgezet. Maar de beslissingen staan niet in steen gebeiteld en kunnen in een democratie ook altijd worden teruggeschroefd. En dat is maar goed ook. Ons beleid is niet het resultaat van doelgerichte biopolitiek, maar van een open proces waarbij politici hun keuzes moeten verdedigen, en waarbij ze ­hopelijk ook maximaal rekening houden met wat wetenschappers en experten aanbrengen.
Precies omdat wetenschap draait om voortdurende kritische bevraging, zijn haar bevindingen betrouwbaarder dan die van om het even welk ander proces. Een beleid dat zich laat leiden door de ­wetenschappelijke consensus als ‘bio­politiek’ bestempelen, is een gemakzuchtig trucje, dat je kunt toepassen op zowat elk politiek debat. Als politici zich laten leiden door de bevindingen van het IPCC, is dat dan ook een ‘klimaatdictatuur’? En wat met inzichten over vaccinatie, roken, onderwijs over evolutietheorie, of alter­natieve geneeswijzen?
Door over biomacht te spreken, wekt De Munck de indruk dat wetenschappers en beleidsmakers niet over goede redenen beschikken om het huidige beleid te legitimeren. Wantrouwen tegenover politici en het huidige beleid kan natuurlijk gezond en terecht zijn, maar de analyse van De Munck ondermijnt het vertrouwen in ­democratie en wetenschap zelf. En net dat vertrouwen hebben we in deze crisistijd zo hard nodig.

Paranoïde kritiek
Postmodern relativisme over wetenschap en het belang van kennis is geen vrijblijvende intellectuele spielerei. Mensen die het stuk van De Munck lezen, kunnen de indruk krijgen dat wat die virologen ons vertellen, toch allemaal om macht en autoriteit gaat in plaats van om ­bescherming tegen een reële dreiging. De huidige maatregelen zijn inderdaad verregaand, maar het corona­virus stelt dan ook een uitzonderlijk gevaar. Nu de ­wetenschap verdacht maken, is daarom ongepast. De Munck laakt dat wetenschap menselijke ervaringen herleidt tot cijfers en statistieken, en benadrukt het gebrek aan consensus en betrouwbare cijfers. Zou hij dezelfde scepsis aan de dag leggen als het gaat om klimaatopwarming of ­armoedebestrijding?
Natuurlijk bestaat er nog discussie ­onder virologen en epidemiologen over de mortaliteit en besmettingsgraad van het coronavirus, en over de werkzaamheid van antivirale medicijnen. Maar op basis van de huidige kennis is de kans op een catastrofe voor onze gezondheidszorg groot genoeg om uit voorzorg doortastende maatregelen te nemen. Duizenden mensenlevens staan op het spel. In 1859 schreef John Stuart Mill in On liberty dat ‘het enige oogmerk dat de mensheid het recht geeft om in te grijpen in de vrijheid van handelen is … de zorg dat anderen geen schade wordt toegebracht.’ Laten we de huidige coronamaatregelen verdedigen op basis van dit principe, in plaats van ze met Foucaults paranoïde kritiek op biomacht verdacht te maken.

(De Standaard, 30/03/2020)